Vanaf april 2026 gaan de kosten voor kansspelvergunningen in Nederland flink omhoog. De Kansspelautoriteit heeft een stijging van meer dan 25% aangekondigd. Wat betekent dat voor de markt en uiteindelijk voor jou als speler?
Waarom worden vergunningen duurder?
De Kansspelautoriteit wordt volledig gefinancierd door de vergunninghouders zelf. Dat klinkt logisch, maar het betekent ook dat als de toezichthouder meer geld nodig heeft, de rekening bij de operators terecht komt. En die rekening groeit.
De reden voor de stijging is tweeledig. Ten eerste heeft de Ksa meer personeel nodig om het groeiende aantal vergunninghouders te controleren. Ten tweede worden de eisen aan toezicht steeds strenger, met name op het gebied van spelersbescherming en anti-witwascontroles. Meer toezicht kost meer geld, en dat geld moet ergens vandaan komen.
Wat kost een vergunning nu?
De exacte bedragen verschillen per type vergunning en omzet van de operator. Maar we spreken over bedragen die in de honderdduizenden euros lopen voor de grotere aanbieders. Met een stijging van 25% komt daar een flinke schep bovenop.
Voor kleinere operators kan dit het verschil maken tussen winstgevend opereren en verlies draaien. Zeker in combinatie met de verhoogde kansspelbelasting van 37,8% die sinds januari 2026 geldt, wordt de financiele druk op legale aanbieders steeds groter.
Nieuwe eisen bij vergunningaanvraag
Naast de hogere kosten heeft de Kansspelautoriteit per 1 januari 2026 ook de beleidsregels voor vergunningverlening aangescherpt. Operators moeten nu een exit-plan indienen bij hun aanvraag. Dit plan beschrijft hoe ze de markt ordelijk verlaten als ze besluiten te stoppen of als hun vergunning wordt ingetrokken.
Daarnaast geldt er een nieuwe regel dat openstaande juridische vonnissen kunnen leiden tot afwijzing van een vergunningaanvraag. Operators die zich niet houden aan rechterlijke uitspraken, maken dus geen kans meer op een Nederlandse vergunning.
Gevolgen voor de markt
De stijgende kosten kunnen leiden tot consolidatie in de markt. Kleinere operators die de financiele druk niet aankunnen, zullen mogelijk hun vergunning opgeven of worden overgenomen door grotere partijen. Het resultaat is een kleinere maar financieel sterkere groep vergunninghouders.
De coalitie heeft bovendien aangegeven in te zetten op minder vergunningen in de toekomst. Het lijkt erop dat de politiek bewust stuurt richting een kleinere, strengere markt met minder aanbieders maar meer controle.
Wat merk jij als speler?
Op korte termijn waarschijnlijk niet heel veel. De operators zullen de hogere kosten proberen op te vangen binnen hun eigen marges. Maar op langere termijn kan het effect hebben op het aanbod. Minder operators betekent minder keuze. En hogere kosten worden uiteindelijk altijd doorberekend, of dat nu via minder gunstige bonusvoorwaarden is of via een kleiner spelaanbod.
De keerzijde is dat de operators die overblijven, waarschijnlijk de meest betrouwbare en financieel stabiele partijen zijn. Dat is voor de spelersbescherming juist positief.
Een branche onder druk
De Nederlandse online gokmarkt staat van meerdere kanten onder druk. Hogere belastingen, duurdere vergunningen, strengere reclameregels en intensiever toezicht vormen samen een uitdaging waar niet elke operator tegenop gewassen is. Hoe de markt er over een paar jaar uitziet, hangt af van het antwoord op een simpele vraag: is het nog rendabel genoeg om legaal in Nederland te opereren?